Noteer per dag
- wanneer de hoofdpijn begon en hoe lang die duurde;
- plaats, gevoel en ernst;
- misselijkheid, licht, geluid, oog- of neusklachten;
- menstruatie, slaap of andere opvallende omstandigheden;
- welke medicatie je gebruikte en op hoeveel dagen.
Niet iedere hoofdpijn is hetzelfde. De plek, duur, bijkomende klachten en het patroon vertellen samen meer dan alleen de pijnscore.
Mensen kunnen meer dan één soort hoofdpijn hebben. Een hoofdpijndagboek en een gesprek met een arts kunnen helpen om patronen uit elkaar te halen.
Een diagnose wordt niet op één kenmerk gesteld. Onderstaande patronen zijn vereenvoudigd en kunnen bij één persoon overlappen.
| Patroon | Plaats en gevoel | Duur | Wat kan erbij horen? |
|---|---|---|---|
| Spanningshoofdpijn | Vaak tweezijdig, drukkend of knellend | 30 minuten tot dagen | Meestal geen misselijkheid; bewegen maakt het niet duidelijk erger |
| Migraine | Vaak eenzijdig en kloppend, maar niet altijd | Uren tot enkele dagen | Misselijkheid, licht- of geluidsgevoeligheid, soms aura; bewegen kan verergeren |
| Clusterhoofdpijn | Eenzijdig rond oog of slaap, zeer hevig | 15 minuten tot 3 uur, herhaald in clusters | Rood of tranend oog, neusklachten, hangend ooglid en sterke bewegingsdrang |
| Medicatieovergebruik | Kenmerken kunnen vervagen; vaak veel hoofdpijndagen | Minstens 15 dagen per maand | Een bestaande migraine of spanningshoofdpijn wordt frequenter en medicatie helpt minder |
| Trigeminusneuralgie | Meestal eenzijdige, elektrische pijnscheuten in het gezicht | Een fractie van een seconde tot ongeveer 2 minuten | Kan worden uitgelokt door aanraken, praten, kauwen, tandenpoetsen of kou |
Kaakproblemen, tandheelkundige oorzaken, zenuwpijn, clusterhoofdpijn en andere aandoeningen kunnen allemaal pijn in of rond het gezicht geven. De beoordeling en behandeling verschillen.
Een dagboek is vooral bedoeld om frequentie, patronen, medicatiegebruik en effect van behandeling te bespreken. Het bewijst niet dat één maaltijd, stressmoment of weersverandering de oorzaak is.
Bij medicatieovergebruik gaat het vooral om het aantal dagen waarop aanvalsmedicatie wordt gebruikt. Voor paracetamol en NSAID’s geldt een andere grens dan voor triptanen, opioïden of combinaties.
Gebruik op 15 of meer dagen per maand gedurende meer dan 3 maanden kan bij iemand met een hoofdpijnaandoening passen bij medicatieovergebruik.
Hiervoor geldt 10 of meer gebruiksdagen per maand gedurende meer dan 3 maanden als grens in de classificatie.
Zeker bij opioïden zoals tramadol, oxycodon, fentanyl of morfine moet stoppen niet op eigen houtje. Bespreek begeleiding en de onderliggende hoofdpijn.
Ook spoedbeoordeling is belangrijk bij hoofdpijn met uitvalsverschijnselen, sufheid, nekstijfheid of koorts, na ernstig hoofdletsel, tijdens zwangerschap of kort na de bevalling, of wanneer iemand ernstig ziek oogt. Bel 112 bij levensgevaar.
Bij vaak terugkerende, toenemende of veranderde hoofdpijn, bij veel medicatiegebruik, nieuwe hoofdpijn op latere leeftijd of wanneer je werk, school, slaap of dagelijks leven vastloopt.
Ook iemand met migraine of spanningshoofdpijn kan een nieuw, afwijkend patroon krijgen. “Dat hoort bij je hoofdpijn” is geen reden om duidelijke verandering te negeren.
Werd je hoofdpijn te snel aan stress toegeschreven, duurde herkenning lang of raakte behandeling versnipperd? Deel je ervaring via het algemene Zorgfuik-formulier.
Deel je ervaring