Dossier · Medicijnfuik · Opioïde pijnstiller

Tramadol: de "milde" opioïde die dat niet altijd is

Vaak gezien als een lichtere stap dan oxycodon of morfine. Toch is tramadol een opioïde met een reëel risico op gewenning en afhankelijkheid, en dat risico wordt bij dit middel makkelijk onderschat.

De cijfers

318.000mensen kregen in het vierde kwartaal van 2024 een recept voor tramadol, 3,35% van alle geneesmiddelgebruikers.Bron: IVM/SFK, Monitor Voorschrijven Huisartsen, 2025
Dalend sinds 2022het percentage tramadolgebruikers nam af van 4,22% (2022) naar 3,90% (2023) naar 3,35% (2024).Bron: IVM/SFK, 2025
100.000+patiënten onder behandeling van de huisarts gebruikten in 2022 langer dan drie maanden een opioïde pijnstiller (cijfer voor sterkwerkende opioïden als groep, niet tramadol-specifiek).Bron: IVM, 2023

Het laatste cijfer is uit 2022 en gaat over sterkwerkende opioïden als groep. Een tramadol-specifiek, recent cijfer over langdurig gebruik hebben we niet bij een primaire bron kunnen vinden; dat vermelden we liever eerlijk dan dat we een cijfer verzinnen.

De tramadolfuik

Tramadol behoort tot de opioïden, dezelfde groep als oxycodon en morfine, al is de werking milder. Juist die reputatie van "mild" kan een valkuil zijn.

1

Een arts schrijft tramadol voor bij matige tot ernstige pijn, bijvoorbeeld na een operatie of bij chronische klachten.

2

Omdat het als "lichter" dan andere opioïden wordt gezien, is de waakzaamheid soms lager dan bij bijvoorbeeld oxycodon.

3

Bij langer gebruik kan tolerantie ontstaan. Dat betekent niet dat de dosis zelfstandig moet worden verhoogd; effect en bijwerkingen horen opnieuw te worden beoordeeld.

4

Wanneer herhaalrecepten doorlopen, blijven vaste evaluatiemomenten belangrijk om doel, effect en risico's te bespreken.

5

Stoppen kan angst, misselijkheid en onrust geven, wat voelt als bewijs dat het middel nog nodig is.

6

Op eigen houtje de dosis verlagen leidt vaak tot terugval in het oude gebruik om de ontwenning te verlichten.

Tramadol is niet de zorgfuik. Een voorschrift dat "mild" wordt genoemd en daardoor nooit meer kritisch wordt bekeken. Dat is de zorgfuik.

Afbouwen vraagt een persoonlijk plan

De NHG-Standaard Pijn adviseert om afbouwen samen te plannen en rekening te houden met dosis, gebruiksduur, klachten, beschikbare doseereenheden en eerdere ervaringen. Het tempo kan worden aangepast wanneer ontwenningsklachten of terugkeer van pijn optreden.

Of geleidelijk afbouwen nodig is, hangt af van de persoonlijke situatie. Stop of verander tramadol niet op basis van een algemeen schema op deze website; bespreek dit met voorschrijver en apotheek.

Verdieping in video

Videominiatuur: Tramadol uitleg

🔒 YouTube laadt pas nadat je op de afspeelknop klikt.

Herken je dit patroon?

Gebruik jij of iemand in je omgeving al langer tramadol dan de bedoeling was, zonder dat er nog een gesprek is geweest over afbouwen? Deel je ervaring. Niet om een dokter aan te wijzen, maar om het patroon zichtbaar te maken.

Breng je situatie in kaart

Ontbreekt een duidelijk evaluatiemoment rond medicatie?

Beantwoord een paar vragen. Je krijgt geen diagnose of advies, maar wel aandachtspunten en vragen die je kunt meenemen naar een volgend gesprek.

Opent het formulier niet? Open het formulier in een nieuw tabblad.

Verantwoording en bronnen

  • IVM (Instituut Verantwoord Medicijngebruik) i.s.m. SFK, Monitor Voorschrijven Huisartsen, Themarapportage Opioïden 2025: 318.000 tramadolgebruikers in Q4 2024 (3,35%), dalend sinds 2022 (4,22%) via 2023 (3,90%).
  • IVM, "Toename gebruik tramadol in 2022": 100.000+ patiënten langer dan 3 maanden opioïden bij de huisarts (groepscijfer sterkwerkende opioïden, niet tramadol-specifiek).
  • NHG-Standaard Pijn: samen beslissen over een persoonlijk afbouwplan en het tempo aanpassen aan gebruik en klachten.
  • Farmacotherapeutisch Kompas: doseringsadvies en risicoprofiel tramadol.
Dit dossier is gemaakt op basis van openbare bronnen. Zorgfuik stelt geen diagnoses en geeft geen medisch advies. Stop nooit abrupt met tramadol na langer gebruik; dit kan ernstige ontwenningsverschijnselen geven. Ga bij twijfel over je gebruik of bij een wens om af te bouwen altijd in gesprek met je huisarts.