Dossier · Medicijnfuik · Antidepressivum

Citalopram: hoe lang blijft "even doorslikken" nodig?

Een van de meest gebruikte antidepressiva in Nederland. Niet verslavend zoals een opioïde of benzodiazepine, maar stoppen zonder plan kan weken van onttrekkingsklachten geven.

De cijfers

213.000Nederlanders kregen in 2024 citalopram via de openbare apotheek voorgeschreven.Bron: Zorginstituut Nederland (GIPdatabank), 2024
+15,3%stijging in het aantal gebruikers tussen 2020 en 2024.Bron: Zorginstituut Nederland (GIPdatabank)
65% na 1 jaarvan de mensen die in 2011 een antidepressivum kregen, gebruikte dit een jaar later nog. Na vijf jaar was dat nog 38% bij SSRI-gebruikers.Bron: Nivel, cohort 2011, geldt SSRI's als groep, niet citalopram-specifiek

Dit laatste cijfer gaat over antidepressiva in het algemeen, niet specifiek over citalopram, en het cohort dateert uit 2011. Het is het beste beschikbare landelijke cijfer over langdurig gebruik, maar geen recente of middelspecifieke meting.

Geen verslaving, wel een lastige afbouw

Belangrijk om helder te krijgen: citalopram en andere SSRI's worden niet geclassificeerd als verslavend in dezelfde zin als een opioïde of benzodiazepine. Er is geen dwangmatig zoekgedrag of euforie zoals bij die middelen. Het risico zit ergens anders: bij het stoppen kunnen onttrekkingsverschijnselen optreden, en de behandelduur wordt in de praktijk vaak langer dan strikt nodig, simpelweg omdat er nooit een duidelijk evaluatiemoment is ingebouwd.

1

Een arts start citalopram bij een depressie of angstklacht. Een redelijke en vaak effectieve keuze.

2

Bij goed effect wordt geadviseerd de behandeling minstens 6 tot 12 maanden na herstel voort te zetten.

3

Na die periode is afbouwen het advies, maar dat gesprek vindt niet altijd structureel plaats.

4

Herhaalrecepten via de huisarts houden het gebruik stilzwijgend in stand.

5

Bij (te snel) stoppen kunnen onttrekkingsverschijnselen optreden die aanvoelen als terugval, terwijl het vaak ontwenning is.

Citalopram is niet de zorgfuik. Jarenlang doorslikken zonder dat iemand nog evalueert of het nog nodig is. Dat is de zorgfuik.

Het veiligheidssignaal: dosisgrens vanwege hartritme

Citalopram kent een dosisafhankelijk risico op verlenging van het QT-interval, wat in zeldzame gevallen tot een ernstige hartritmestoornis (torsade de pointes) kan leiden. Dit heeft geleid tot een officiële maximale dosering: 40 mg per dag voor volwassenen en maximaal 20 mg per dag voor ouderen. Bij mensen met een verhoogd risico, bijvoorbeeld door hartfalen, een recent hartinfarct of een verstoorde elektrolytenbalans, wordt extra voorzichtigheid geadviseerd en soms een ECG overwogen voor de start van de behandeling.

Dit is geen acuut, nieuw incident zoals bij oxycodon en nitazenen. Het is een langer bekend maar nog altijd relevant en officieel erkend risico, waar de dosisgrens direct uit voortkomt.

Verdieping in video

Videominiatuur: Citalopram uitleg

🔒 Video's laden pas van YouTube (nocookie) zodra je op afspelen klikt.

Herken je dit patroon?

Slik jij al jaren hetzelfde antidepressivum zonder dat er nog een gesprek is geweest over afbouwen? Deel je ervaring. Niet om een dokter aan te wijzen, maar om het patroon zichtbaar te maken.

Verantwoording en bronnen

  • Zorginstituut Nederland (GIPdatabank/Zorgcijfersdatabank), 2024: 213.330 gebruikers citalopram (ATC N06AB04), +15,3% sinds 2020.
  • Nivel: "Antidepressiva bij een op de drie patiënten langdurig voorgeschreven" (cohort 2011, SSRI's als groep): 65% na 1 jaar, 38% na 5 jaar nog in gebruik.
  • Farmacotherapeutisch Kompas / NHG-Standaard Depressie: behandelduur minstens 6-12 maanden na remissie, langer bij recidief, daarna geleidelijk afbouwen.
  • Farmacotherapeutisch Kompas / CBG-SmPC: maximale dosering 40 mg/dag (volwassenen), 20 mg/dag (ouderen); dosisafhankelijke QT-verlenging en risico op torsade de pointes.
Dit dossier is gemaakt op basis van openbare bronnen. Zorgfuik stelt geen diagnoses en geeft geen medisch advies. Stop nooit abrupt met citalopram; dit kan onttrekkingsverschijnselen geven. Ga bij twijfel over je gebruik of bij een wens om af te bouwen altijd in gesprek met je huisarts.